Concept Protocol pastorale zorg bij een crisis

  1. DOELSTELLING

    1. Indien zich in de gemeente Wijk bij Duurstede een grootschalig ongeval, calamiteit, ramp of een crisis voordoet, vindt de bestrijding van de gevolgen plaats conform de regels, vastgelegd in het gemeentelijke Crisisbeheersingsplan. Afhankelijk van de aard en omvang daarvan, kan het noodzakelijk zijn om gecoördineerd pastorale zorg te verlenen aan de slachtoffers.
    2. De kerken in de gemeente Wijk bij Duurstede stellen zich tot taak om in geval van een crisis adequate pastorale zorg te verlenen aan de slachtoffers, ongeacht hun gezindte of levensovertuiging.
  2. REALISATIE

    1. De pastorale zorg wordt verleend door medewerkers pastorale zorg van de kerken in de gemeente Wijk bij Duurstede.
    2. Dit protocol treedt in werking na een formele oproep door of namens de burgemeester van de gemeente Wijk bij Duurstede in verband met een crisis. De oproep wordt gedaan aan de dienstdoende coördinator pastorale zorg onder vermelding van de locatie, aard en omvang van de crisis, de locatie waar en de persoon bij wie de coördinator zich dient te melden en een telefoonnummer voor nader contact.
  3. BEGRIPPEN

    1. Onder een crisis wordt in dit protocol begrepen een grootschalig ongeval, calamiteit, ramp of een crisis.
    2. Onder slachtoffers worden in dit protocol verstaan alle personen die direct of indirect door de ramp getroffen zijn, zoals gewonden, nabestaanden, verwanten, hulpverleners en veroorzakers.
    3. Onder kerken worden in dit protocol verstaan alle kerken en geloofsgemeenschappen in de gemeente Wijk bij Duurstede, waarvan pastorale medewerkers zich bereid hebben verklaard in geval van een crisis pastorale zorg te verlenen.
    4. Onder pastorale zorg wordt in dit protocol zowel de zorg aan slachtoffers tijdens een crisis (de acute fase) als de zorg na een crisis (nazorgfase) verstaan.
    5. Onder ‘medewerkers pastorale zorg’ wordt in dit protocol verstaan:
      • pastores die opgeleid zijn, in het ambt bevestigd, en werkzaam in het pastoraat binnen één van de kerken
      • vrijwilligers in het pastoraat, die hierin getraind en ervaren zijn, en die bekend zijn met het netwerk van vrijwilligers in hun kerk
    6. Onder gemeente wordt in dit protocol verstaan de gemeente Wijk bij Duurstede.
    7. Bij een crisis zijn de volgende locaties relevant voor dit protocol:
      1. De locatie van de crisis.
      2. Het gemeentelijke actiecentrum Opvangen & Verzorgen.
      3. Het door de gemeente aangewezen Opvangcentrum.
      4. Het door de gemeente aangewezen Informatie en Advies Centrum.
      5. De ziekenhuizen of behandelplaatsen waar slachtoffers behandeld worden.
    8. Waar in dit protocol benamingen in de mannelijke vorm zijn vermeld, wordt daaronder ook de vrouwelijke vorm begrepen.
  4. COÖRDINATOR PASTORALE ZORG

    1. De kerken in de gemeente stellen gezamenlijk tenminste drie personen aan die de functie van coördinator pastorale zorg vervullen en die bij toerbeurt in functie zijn. Tenminste één van de coördinatoren is zelf pastoraal verzorger.
    2. De coördinator pastorale zorg beschikt over leidinggevende capaciteiten en heeft kennis van de organisatie van de crisisbeheersing en de daarbij betrokken instanties.
    3. De coördinatoren pastorale zorg regelen onderling dat altijd één van hen bereikbaar is om in geval van een crisis te worden gealarmeerd door of namens de gemeente.
    4. De coördinator pastorale zorg fungeert bij een crisis als aanspreekpunt voor de gemeentelijke instanties.
    5. De coördinator pastorale zorg draagt zorg voor afstemming tussen de diverse gemeentelijke- en psychosociale processen in het kader van het Crisisbeheersingsplan van de gemeente waarin pastorale zorg een functie is toegekend.
    6. De coördinator pastorale zorg staat zo nodig de pers te woord na voorafgaand overleg met de voorlichter namens de gemeente en met het hoofd van het Opvangcentrum. De coördinator beperkt zich daarbij tot de rol van de pastorale zorg bij de crisis.
    7. De coördinator pastorale zorg draagt als hij dienst doet bij een crisis een gekleurd hesje met de opdruk “coördinator pastorale zorg”.
    8. De coördinator pastorale zorg is verantwoordelijk voor het alarmeren en oproepen van de medewerkers pastorale zorg en verzorgt de uitgifte van de hesjes die verband houden met pastorale zorg.
    9. Indien er een herdenkingsbijeenkomst wordt gehouden zal de coördinator pastorale zorg het initiatief nemen en uitvoerend zorg dragen voor de pastorale zorg van de slachtoffers, in samenwerking met en onder verantwoordelijkheid van de door de gemeente aangewezen verantwoordelijke functionaris voor het proces Uitvaartverzorging en/of Nazorg.
    10. De coördinator pastorale zorg neemt deel aan een afsluitende bijeenkomst (debriefing) na een inzet in het kader van een crisis.
  5. TAKEN COÖRDINATOR PASTORALE ZORG

    1. De coördinator pastorale zorg die optreedt bij een crisis:
      1. meldt zich na alarmering in principe bij het hoofd van het Opvangcentrum.
      2. laat zich informeren over de aard en omvang van de crisis en over de namen van de bij de crisisbeheersing betrokken contactpersonen.
      3. bepaalt in overleg met het hoofd van het Opvangcentrum de uiteindelijke behoefte aan medewerkers pastorale zorg en is verantwoordelijk voor hun oproep.
      4. geeft een voorwaarschuwing aan de medewerkers pastorale zorg die voor aanvulling of aflossing opgeroepen kunnen worden en verzoekt hen zich beschikbaar te houden.
      5. verstrekt gekleurde hesjes met het opschrift “medewerker pastorale zorg” en de benodigde materialen aan de medewerkers pastorale zorg.
      6. bewaakt de werkdruk van de medewerkers pastorale zorg en regelt tijdige aflossing.
      7. zorgt dat hij zelf tijdig wordt afgelost door één van de andere coördinatoren.
  6. MEDEWERKER PASTORALE ZORG

    1. Het optreden bij een crisis heeft voor de medewerker pastorale zorg bijzondere prioriteit. Dit betekent dat de medewerker pastoraal zorg bij een crisis:
      1. bereid is zo nodig bij dag en bij nacht te worden ingezet.
      2. na alarmering zo spoedig mogelijk naar de opgegeven locatie gaat en zich meldt bij de coördinator pastorale zorg voor nadere instructies.
    2. De medewerker pastorale zorg die optreedt bij een crisis:
      1. geeft op adequate wijze pastorale zorg aan slachtoffers, ongeacht hun gezindte of levensovertuiging.
      2. roept - als daartoe aanleiding is - de hulp in van een pastorale verzorger van de eigen gezindte of levensovertuiging van het slachtoffer.
      3. is als zodanig herkenbaar door het dragen van een gekleurd hesje met de opdruk “medewerker pastorale zorg”.
      4. laat zich tijdig aflossen om overbelasting te voorkomen, ervan uitgaande dat de pastorale zorg meerdere dagen noodzakelijk kan zijn.
  7. TAKEN MEDEWERKER PASTORALE ZORG

    1. Binnen het proces pastorale verzorging bij een crisis zijn de volgende hoofdtaken te onderkennen:
      1. Het zich periodiek op de hoogte stellen van de procedure en de taken in de diverse gemeentelijke- en psychosociale processen waarin pastorale zorg in het kader van het Crisisbeheersingsplan van de gemeente een functie is toegekend
      2. Het bieden van pastorale zorg aan de slachtoffers, zowel in de acute fase als in de nazorgfase.
      3. Het deelnemen aan dan wel aanwezig zijn bij herdenkingsbijeenkomsten die geïnitieerd zijn door de coördinator pastorale zorg in samenwerking met de gemeentelijke verantwoordelijke van het proces Uitvaartverzorging en/of Nazorg.
      4. Het deelnemen aan een afsluitende bijeenkomst na een inzet in het kader van een calamiteit, een ramp of een crisis.
  8. WERKPLAN

    1. Een incident in de gemeente wordt primair bestreden door de parate diensten, brandweer, politie en geneeskundige dienst. Zijn de gevolgen zodanig dat van een ramp of crisis gesproken kan worden, dan neemt de burgemeester het opperbevel over de crisisbeheersing op zich. De gevolgen worden dan bestreden conform de afspraken die zijn vastgelegd in het Crisisbeheersingsplan van de gemeente.
    2. Conform dit Crisisbeheersingsplan kunnen zo nodig diverse gemeentelijke actiecentra worden ingericht, waaronder het actiecentrum Opvangen & Verzorgen, het actiecentrum Uitvaartverzorging en het actiecentrum Nazorg. In principe bevinden de actiecentra zich in de gemeente, tenzij de actiecentra in het getroffen c.q. bedreigde gebied liggen. In dat geval bevinden de actiecentra zich in het gemeentehuis van Wijk bij Duurstede of het gemeentehuis van Bunnik.
    3. Teneinde de continuïteit te waarborgen kan het nodig zijn enige tijd in een overlappende bezetting op te treden, waarbij de taken geleidelijk worden overgedragen aan de opvolger. Dit geldt zowel voor de medewerker pastorale zorg als voor de coördinator pastorale zorg.
    4. De medewerker pastorale zorg draagt bij aflossing zijn hesje over aan zijn opvolger. Als hij niet wordt afgelost levert hij zijn hesje in bij de coördinator pastorale zorg.
    5. Na overdracht meldt de coördinator zich af bij het hoofd van het Opvangcentrum.
  9. PASTORALE ZORG IN ZIEKENHUIZEN

    1. Indien binnen de ziekenhuizen in de regio behoefte bestaat aan extra ondersteuning van de pastorale zorg, kan het hoofd Geestelijke Verzorging een beroep doen op de medewerkers pastorale zorg, zoals bedoeld in dit protocol.
    2. Deze medewerkers pastorale zorg vallen dan onder de verantwoordelijkheid van het hoofd Geestelijke Verzorging dan wel de dienstdoende pastorale verzorger van het betreffende ziekenhuis.
  10. WERKGROEP PASTORALE ZORG BIJ RAMPEN

    1. Vanuit de kerken fungeert een werkgroep pastorale zorg bij calamiteiten van minstens vijf leden. Tenminste één van die leden is pastor.
    2. De werkgroep adviseert de kerken gevraagd en ongevraagd op het terrein van pastorale zorg bij een crisis en doet tenminste eenmaal per jaar verslag van haar werkzaamheden.
    3. De werkgroep pastorale zorg onderhoudt contacten en maakt werkafspraken op het gebied van crisisbeheersing met de vertegenwoordiger(s) van de gemeente en andere daarvoor in aanmerking komende instanties. De ambtenaar rampenbestrijding van de gemeente wordt uitgenodigd voor de bijeenkomsten van de werkgroep.
    4. Indien een of meer coördinatoren pastorale zorg of medewerkers pastorale zorg na de crisis aan die crisis gerelateerde psychische klachten hebben, dan wordt dit door of namens de werkgroep pastorale zorg bij rampen gemeld bij de ambtenaar rampenbestrijding van de gemeente. Door de gemeente zal, indien daar niet op andere wijze in wordt voorzien, passende professionele hulpverlening worden ingeschakeld. De kosten van die hulpverlening zijn voor rekening van de gemeente.
  11. OEFENINGEN

    1. De gemeente houdt regelmatig oefeningen op het gebied van crisisbeheersing.
    2. Bij een oefening voor het gemeentelijk actiecentrum Opvangen & Verzorgen, het actiecentrum Uitvaartverzorging en/of het actiecentrum Nazorg worden ook de coördinatoren pastorale zorg en de medewerkers pastorale zorg betrokken.
    3. De ambtenaar rampenbestrijding van de gemeente houdt de werkgroep pastorale zorg bij crises, de coördinatoren pastorale zorg en de medewerkers pastorale zorg op de hoogte van veranderingen in de werkwijze en/of de organisatie van de crisisbeheersing in de gemeente.
    4. De ambtenaar rampenbestrijding van de gemeente initieert in overleg met de werkgroep pastorale zorg opleidingen en trainingen voor de coördinatoren pastorale zorg en de medewerkers pastorale zorg die zich hebben opgegeven voor het verlenen van pastorale zorg bij een crisis.
  12. NAMEN EN TELEFOONNUMMERS

    1. De procesverantwoordelijke van de gemeente houdt de namen en telefoonnummers bij van de coördinatoren pastorale zorg. De coördinator pastorale zorg houdt de namen en telefoonnummers bij van de medewerkers pastorale zorg (contactpersonen) die zich hebben opgegeven voor het verlenen van pastorale zorg bij een crisis.
    2. De procesverantwoordelijke van de gemeente actualiseert en verstrekt deze lijst periodiek aan de coördinator pastorale zorg.
    3. De gegevens op de lijst en op de telefoonkaartjes worden alleen gebruikt voor het oproepen in geval van een calamiteit, ramp of crisis.
  13. VERANTWOORDELIJKHEDEN VOOR DE GEMEENTE WIJK BIJ DUURSTEDE

    1. Alle vrijwilligers zijn bij oefeningen en inzet in een crisissituatie aanvullend verzekerd tegen schade via de polis van de gemeente Wijk bij Duurstede.
    2. Bij daadwerkelijke inzet vergoedt de gemeente de door de vrijwilliger in verband hiermee in redelijkheid gemaakte kosten.
    3. De gemeente geeft geen compensatie voor niet gemaakte werkuren in verband met een oefening of inzet.

Wijk bij Duurstede, (datum)

Namens de kerken,

…………………………………………

Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wijk bij Duurstede,

…………………………………………

 

Guus Swillens

burgemeester